In beeld: Op safari in de Grotten van Han

14/06/17 om 11:01 - Bijgewerkt om 11:04

Op schoolreis, met de sportclub of als familie-uitje. De Grotten van Han zijn al eeuwenlang een van de meest bezochte toeristische bestemmingen in ons land en de bron van talloze (jeugd)herinneringen. Wij keerden terug naar dit magische natuurverschijnsel en ontdekten tegelijk het aanpalende Wildlife park, waar je voortaan op Belgische 'safari' kan.

De benaming Grotten van Han, omvat vandaag heel wat meer dan het geweldige schouwspel dat je hier van oudsher ondergronds kan ontdekken. Ook bovengronds heeft Han sur Lesse heel wat groen vertier te bieden. De drie kinderen, 10, 13 en 15 jaar oud, kiezen ervoor om eerst af te dalen in de mysterieuze ondergrond om na de middag de safaritocht te plannen. Maar het kan ook perfect in omgekeerde volgorde.

Met een authentieke houten treintje hobbelen we richting de ingang van de grotten, waar het even wachten is tot de vorige groep buiten gehoorafstand is. De grotten ontdekken kan je alleen onder begeleiding en ook al zijn de groepen behoorlijk groot en heel gevarieerd qua samenstelling toch is de gids erg vlot verstaanbaar en een meerwaarde. De grotten van Han, zonder twijfel één van de allermooiste grottencomplexen van Europa, zijn natuurlijk niet geëvolueerd maar dat geldt niet voor de manier waarop je als bezoeker dit geologisch pareltje bezoekt. Het onderaardse traject werd op heel wat punten in een nieuw hedendaags kleedje gestopt met slimme verlichtingstechnologie en uitgekiende uitkijkpunten over de ondergrondse Lesse. De juiste belichting maakt het telkens weer opduiken en verdwijnen van die zwarte rivier tot een geheimzinnige rode draad. Waar en wanneer zal de stroom zich opnieuw laten zien en leven er eigenlijk vissen in?

Klank-en lichtspel

De kinderen vergapen zich aan de kleurrijke druipsteenformaties die je hier om elke hoek aantreft. Zaal na zaal lijken de vormen groter en indrukwekkender te worden. Dan doven plotseling alle lichten en weergalmt er muziek van Tsjaikovski door de grottenzaal. De klank weerkaatst tegen de wanden en plots lichten spots op die telkens andere stukjes rots in de schijnwerper zetten. Een klank -en lichtspel dat de hele groep instant stil krijgt en dat je even een idee geeft van de duisternis waarin de eerste speleologen deze grot verkenden. De route is qua spankracht perfect opgebouwd. Met stalagtieten die alsmaar forser uitvallen, gevolgd door kalkformaties die eruit zien als gordijnen die hoog boven onze hoofden lijken te wapperen, maar die in werkelijkheid versteend zijn. De glinsterende druipstenen zien er aanlokkelijk uit om even aan te raken maar dat is geen goed idee. In het verleden hebben dergelijke aanrakingen al verschillende kleinere formaties beschadigd, zo is te merken. Net als de zwarte roetsporen van de onvermijdelijke fakkels, waarmee de gidsen vroeger de tochten moesten begeleiden. In de trofeezaal volgt een nieuw klapstuk met de bloemkoolvormige druipsteen die zo'n 20 meter doorsnee heeft. Helemaal aan het einde van dit 2 kilometer lange onderaardse traject belanden we in de enorme koepelzaal, waar in het midden op het platform een rij stoelen staan te wachten voor de toeschouwers van een indrukwekkend klank- en lichtspel. De hoogte van deze zaal is het gevolg van instortingen in het verleden waardoor het 'plafond' telkens hoger kwam te liggen. Langs de wanden zie je de gigantische brokstukken daarvan her en der liggen. Wie de grot in vroeger tijden bezocht, herinnert zich vast het spektakel dat hier toen werd opgevoerd. Vanop de troon van Pluto, het hoogste puntje van de grot waar je met wat verbeelding een troon kan in zien, daalde toen in het duister een man met een fakkel de stenen af, richting het verbaasde publiek Dat stukje 'erfgoed'theater zal deze zomer worden hernomen als onderdeel van het feestje voor de 200ste verjaardag van de Grotten van Han. Vroeger voeren gasten na de koepelzaal met een bootje via de ondergrondse Lesse de grot uit, wat gepaard ging met een kanonschot. Dat bootje is niet meer maar het traditionele kanonschot is gebleven, tot grote hilariteit van de jonge bezoekers.

Veelvraten en poolwolven

Terug bovengronds hebben onze ogen even tijd nodig om te wennen aan de zon die plots veel feller lijkt te schijnen aan het einde van de grotuitgang. Net voorbij het smeedijzeren hek kunnen hongerige bezoekers terecht in Le Pavillon, een restaurant met een van de mooiste uitkijkpunten op de Lesse, die net daar een kleine waterval met stroomversnelling in het landschap teken. Een prachtplek om te lunchen. Dat de natuur hier de toon voert, merk je ook aan 'details' zoals het dak van het restaurant, waar een grote uitsparing werd in aangebracht om een forse oude boom te laten doorheen groeien!

Na de verstilling ondergronds, laten we de comfortabele safaricar voor wat ze is en gaan we voor een wandeltocht langsheen de zogeheten Europese Big Five, een knipoog naar het befaamde Afrikaanse vijftal, die safarigangers zo graag spotten. De Europese versie verwijst naar vijf soorten, de wolf, de veelvraat, de bruine beer, de lynx en de Europese bizon, die sinds de prehistorie op Europese bodem rondzwierven maar die hier vandaag nog zelden in het wild voorkomen. Een bus brengt ons naar het startpunt van het wandeltraject maar vanaf daar stap je in kleine groepjes of alleen door het park, wat de kans op een 'beestige' ontmoeting natuurlijke verhoogt.

De dierenverblijven zijn in dit 250 hectare grote park ruim opgevat, met zoveel mogelijk onzichtbare omheiningen, waardoor je poolwolven, everzwijnen, bizons en struise Poitou-ezels in een bijna natuurlijke habitat kan gadeslaan. Door te voet door het park te trekken, bepaal je zelf hoelang je bij elk dier vertoeft en welke zijwegjes je inslaat. Want soms loont wachten echt de moeite, zoals bij het verblijf van de wilde katten die zich hoog boven onze hoofden uitleven in de bomen. Wanneer de safaricar halt houdt, strekken deze acrobaten lui hun poten uit, om dan even later wanneer ze zich ongezien wanen, kapriolen uit te halen tussen de takken van de bomen.

Bij de uitgestrekte groene weiden waar de Prezwalskipaarden en damherten zich ophouden, krijg je voor het eerst echt het gevoel van een wildreservaat. Vanop ruime afstand kan je hier ook zonder verrekijker de bewegingen van de kudde volgen. Fascinerend als je beseft dat deze oerdieren die er licht anders uitzien dan 'gewone' paarden, bijna uitgestorven waren. Wie het park ook vanuit de lucht wil verkennen, kan via wandelpaden hoog tussen de bomen naar houten platforms klauteren, vanwaar je tot aan de horizon kan turen naar wild en minder wild leven.

Wij willen nog wat meer van de Big Five zien. Het slentertempo moet de hoogte in, want als we de laatste retourbus naar het dorp willen halen, moeten we voor 17.30 uur ons eindpunt bereiken. Dat leek perfect haalbaar toen we startten maar intussen is de tijd voorbijgevlogen en willen we toch de veelvraat nog spotten. Hiervan zouden er nog hooguit 1300 in Europa leven, waarvan een handvol hier. Maar deze familie blijkt de enige uit dat Clubje van Vijf die zich vandaag hermetisch wegstopt. Dan maar uitblazen in de gezellige bosbar Tivoli waar oude prenten herinneren aan de Belle Epoque, toen dames in brede jurken en met parasols deze grotten kwamen verkennen. Deze en andere periodes uit het verleden van de Grotten komen deze zomer trouwens opnieuw tot leven bij de viering van de 200ste verjaardag. Verwacht je aan gidsen in oude kostuums, ludieke spektakels en muziek uit de oude doos om je terug te voeren naar die pioniersdagen.

www.grotte-de-han.be

Lees meer over:

Onze partners