Pleegouders krijgen wettelijk statuut

16/03/16 om 14:46 - Bijgewerkt om 14:45

De Kamercommissie Justitie heeft woensdag een wetsvoorstel goedgekeurd dat de rechten en plichten van pleegouders vastlegt. Het statuut, dat twintig jaar op zich heeft laten wachten, maakt duidelijke afspraken mogelijk tussen ouders en pleegouders. Na de paasvakantie volgt de definitieve stemming in de commissie, na advies van de Raad van State. Nadien moet de plenaire Kamer nog haar fiat geven.

In ons land verblijven meer dan 4.800 kinderen bij pleegouders. Dat gebeurt na plaatsing door de jeugdrechter of met instemming van de natuurlijke ouders. Pleegouders zorgen voor de huisvesting, de behandeling, de opvoeding en het onderwijs van het pleegkind. De natuurlijke ouders blijven het ouderlijk gezag uitoefenen, tenzij ze uit het ouderlijk gezag zijn ontzet, maar dat is veeleer uitzondering.

Het wetsvoorstel dat woensdag groen licht kreeg, brengt meer duidelijkheid over het statuut van de pleegouders. "We hopen zo meer mensen te overtuigen om hun huis en hun hart open te stellen voor kwetsbare kinderen", leggen Kamerlid Kristien Van Vaerenbergh en Vlaams parlementslid Lorin Parys uit. "Kandidaat-pleegouders haken vaak af, omdat het niet duidelijk is wat ze wel en niet mogen en of ze, als een kind opnieuw thuis gaat wonen, contact kunnen blijven houden. Na 20 jaar onduidelijkheid komt daar nu eindelijk verandering in."

Pleegouders krijgen vanaf het ogenblik dat een pleegkind bij hen komt wonen het recht om over alle dagelijkse, kleine of dringende medische ingrepen te beslissen, zoals de haarsnit of inentingen van hun pleegkind. Tot nu hadden pleegouders die bevoegdheid niet. Als de ouders akkoord gaan, kunnen voortaan ook fundamentelere beslissingen overgedragen worden aan de pleegouders. Het gaat over beslissingen over de gezondheid, ontspanning, godsdienst of opleiding van een pleegkind. Zo'n overeenkomst wordt ter homologatie voorgelegd aan de familierechter.

Ook beslissingen over de opvoeding

Nieuw is ook dat wanneer een pleegkind gedurende een jaar bij een pleeggezin is, de pleegouders zich zelf tot de rechter kunnen wenden om de bevoegdheid te krijgen om beslissingen te nemen over de opvoeding van een pleegkind. Bovendien krijgt iedere partij, dus ook de pleegouders, het recht om bij de familierechter beslissingen aan te kaarten. Ook krijgen pleegouders een recht op contact met het kind dat terug naar de ouders gaat, wanneer het kind minstens een jaar in een pleeggezin is opgegroeid.

Carina Van Cauter en Sabien Lahaye-Battheu wijzen erop dat ouders niet volledig buitenspel worden gezet. "We zijn er van overtuigd dat iedereen er baat bij heeft als er geen ruzie ontstaat. Daarom schrijven we expliciet in de wet dat er een overeenkomst kan gemaakt worden waarin afspraken over de opvoeding gemaakt worden. Natuurlijk kunnen er situaties zijn waarin dit niet mogelijk is, en dan is het aan de rechter om te beslissen hoever de bevoegdheden van de pleegzorgers reiken", luidt het. Voor Parys, die zelf pleegouder is, en Van Vaerenbergh is het werk hiermee niet af. Ze hopen dat het parlement snel werk maakt van pleegzorgverlof en ouderschapsverlof voor pleegzorgers.

Onze partners