Online pestgedrag heeft ook offline gevolgen

07/02/17 om 12:56 - Bijgewerkt om 12:56

Ruim één op drie van de Belgische intergebruikers ondervindt ook offline gevolgen van online pesterijen. Minder vertrouwen in anderen is voor 36% onder hen het meest voorkomende gevolg. Online pestgedrag zorgt ook voor extra stress bij 33%.

Online pestgedrag heeft ook offline gevolgen

© Getty Images/iStockphoto

Dat blijkt uit een onderzoek in veertien landen naar digitale hoffelijkheid. België komt op de vierde plaats in de digitale hoffelijkheidsindex, na het Verenigd Koninkrijk, Australië en de Verenigde Staten. Microsoft maakt deze studieresultaten bekend op de jaarlijkse Safer Internet Day om meer bewustzijn te creëren voor een veiliger internet.

Jongeren twee keer meer kans om online pestkop te kennen

In vele gevallen krijgt het online pesten ook een echt gezicht. Belgische jongeren ontmoeten hun online pestkop dubbel zo vaak dan volwassenen (61% vs 34%). Ze hebben ook minder vertrouwen om met de situatie om te gaan dan volwassenen (34% tegenover 28%). Nochtans weten ze veel beter waar ze terecht kunnen indien ze hulp nodig hebben (38 tegenover 18%). Uit het onderzoek blijkt dat negatief online gedrag, zoals trolling of cyberpesten, nog altijd vaak voorkomt. Bijna 60 percent van de Belgische internetgebruikers kreeg er al mee te maken. De meest voorkomende problemen in ons land zijn ongevraagd contact nemen (34%), gemeen behandeld worden (24%) en ongewenste sexting (22%).

Hoffelijker internet

"De resultaten van dit onderzoek wijzen ons erop dat het nodig is om verder te werken aan een hoffelijker internet. Vooral ook omdat de gevolgen zich offline tonen" zegt Michael Beal, General Manager van Microsoft Belux. "Alles start natuurlijk met iedereen online met respect te behandelen en meningsverschillen te respecteren. Mocht je je online onveilig voelen, is het belangrijk dat je er met iemand over praat. Steun slachtoffers en rapporteer online gedrag dat niet door de beugel kan."

Het onderzoek werd online uitgevoerd in juni 2016 bij 500 jongeren (13 tot 17 jaar) en volwassenen van 18 tot 74 jaar.

Lees meer over:

Onze partners