Twee nieuwe geneesmiddelen voor uitgezaaide nierkanker

15/10/15 om 07:56 - Bijgewerkt om 07:56

Op het Europese kankercongres in Wenen werden zopas twee nieuwe geneesmiddelen voor uitgezaaide nierkanker voorgesteld. De twee geneesmiddelen blijken beter dan de huidige standaard tweedelijnstherapie bij uitgezaaide nierkanker. Normaliter zullen ze binnenkort beschikbaar zijn in België.

Twee nieuwe geneesmiddelen voor uitgezaaide nierkanker

Het kankeronderzoek staat niet stil: nieuwe therapieën zijn in opmars, waaronder veelbelovende immuuntherapie die ervoor zorgt dat een tumor niet langer het eigen immuunsysteem afremt. Maar die nieuwe therapieën zijn duur. UZ Leuven investeert daarom niet alleen in onderzoek naar nieuwe geneesmiddelen, maar ook in studies die subgroepen van patiënten afbakenen om op voorhand te voorspellen welke nieuwe therapie voor hen het best werkt.

Uitgezaaide nierkanker

Nierkanker is de tiende meest voorkomende kanker in België (gemiddeld 1 600 nieuwe gevallen per jaar). De ziekte wordt vaak bij toeval ontdekt, omdat de nier een dieper gelegen orgaan in het lichaam is. Symptomen zijn vooral bloedverlies in de urine, buikpijn of rugpijn, koorts en gewichtsverlies. Een tumor in de nier wordt onmiddellijk operatief verwijderd, waardoor de patiënt genezen is als er geen uitzaaiingen zijn. Uitzaaiingen van nierkanker kunnen ontstaan in botten, longen of lever. Wanneer er uitzaaiingen zijn van een niertumor, kan de patiënt niet meer genezen, maar dient hij een medische behandeling te krijgen. Wie geen uitzaaiingen had bij de eerste diagnose en een operatie onderging, zal in één op de drie gevallen later toch nog uitzaaiingen krijgen. De medische behandeling bestaat op dit moment uit bloedvatremmers en mTOR-inhibitoren.

Bij 30 procent van de patiënten zijn er op het moment van de diagnose al uitzaaiingen, omdat nierkanker meestal laat en eerder toevallig ontdekt wordt. Bovendien zal een deel van de patiënten die bij de eerste diagnose geen uitzaaiingen hebben, na de operatie toch nog hervallen en uitzaaiingen ontwikkelen. Eens er uitzaaiingen zijn, is een therapie nodig om de uitzaaiingen af te remmen. Sinds tien jaar gebruikt men daarvoor vooral bloedvatremmers, die verhinderen dat de tumor niet gevoed wordt. Hoewel de bloedvatremmers een doorbraak betekenden in de behandeling van uitgezaaide nierkanker, is hun effect meestal beperkt in de tijd: gemiddeld werkt een eerstelijnstherapie met bloedvatremmers ongeveer een jaar.

Tweedelijnstherapie: beperkt effect

Voor de daaropvolgende tweedelijnstherapie gebruikt de oncoloog sinds enkele jaren ofwel een ander type bloedvatremmer ofwel een mTOR-inhibitor, die ervoor zorgt dat het eiwit mTOR in de tumorcel zijn werk niet meer kan doen. Helaas werkt een tweedelijnstherapie doorgaans maar drie tot zes maanden en krimpt de tumor daarbij zelden.

Nieuwe studies en aanbevelingen

Op het recente Europese kankercongres in Wenen werden nu twee nieuwe therapieën voorgesteld, die als tweedelijnstherapie allebei efficiënter blijken te zijn dan een mTOR-inhibitor. De resultaten werden intussen ook gepubliceerd in de New England Journal of Medicine *.

Het eerste product is een nieuw type bloedvatremmer, cabozantinib. Het tweede is een nieuwe vorm van immuuntherapie, nivolumab. Tumoren remmen het immuunsysteem af: nivolumab kan dat afremsysteem uitschakelen, zodat het immuunsysteem de tumor kan aanvallen. De producten werden getest op respectievelijk 658 en 821 patiënten en deden de tumor in belangrijke mate krimpen bij ongeveer 25% van de patiënten. Patiënten die met cabozantinib of nivolumab behandeld werden, leefden langer dan patiënten die met de standaardtherapie behandeld werden. Bovendien hadden patiënten die met cabozantinib behandeld werden, een langere ziektecontrole. Artsen van UZ Leuven werkten aan beide studies mee. Prof. dr. Benoit Beuselinck, oncoloog in UZ Leuven, verwacht dat de nieuwe producten vanaf 2016 - 2017 beschikbaar zullen zijn en terugbetaald zullen worden voor alle patiënten. Nivolumab is daarbij de eerste immuuntherapie van de nieuwe generatie die beschikbaar zal worden voor nierkanker.

De juiste therapie voor de juiste patiënt

De nieuwe geneesmiddelen stellen oncologen ook voor een nieuwe uitdaging. Hoewel de nieuwe geneesmiddelen beter werken dan de voorgaande therapieën, zijn ze maar bij een deel van de patiënten efficiënt. Een ander deel van de patiënten zal er alleen maar nevenwerkingen van ondervinden. Bovendien zijn de antikankermiddelen erg duur. Het is dus erg belangrijk om het juiste geneesmiddel aan de juiste patiënt toe te dienen en om te kunnen voorspellen wie eerder gebaat zal zijn met een bloedvatremmer en wie met immuuntherapie.

Prof. dr. Benoit Beuselinck van UZ Leuven voert sinds zes jaar onderzoek naar predictieve merkers bij het gebruik van bloedvatremmers bij uitgezaaide nierkanker. Zijn onderzoeksteam publiceerde in 2015 als eerste een veelbelovende studie waarin men aantoont welke subgroepen van patiënten baat hebben bij een bloedvatremmer.

Het onderzoek naar predictieve merkers voor bloedvatremmers en immuuntherapie wordt in UZ Leuven verdergezet. Ook zullen er in de komende maanden nieuwe klinische studies met immuuntherapie en bloedvatremmers van start gaan. Op die manier kan het ziekenhuis aan patiënten nu al de therapieën van de toekomst aanbieden.

Onze partners