Neurostimulatie ter behandeling van slaapapneu

03/12/15 om 14:14 - Bijgewerkt om 14:14

Bepaalde patiënten met slaapapneu kunnen sinds kort doeltreffend behandeld worden met neurostimulatie. Een innovatief implanteerbaar systeem stuurt lichte, gecontroleerde elektrische impulsen naar de tong of de keel zodat de luchtweg openblijft en de apneu vermindert.

Neurostimulatie ter behandeling van slaapapneu

Bij het obstructief slaapapneu syndroom (OSA) klapt de luchtweg meermaals toe tijdens de slaap. Hevig snurken, vermoeidheid, geheugenstoornissen en prikkelbaarheid zijn de belangrijkste tekenen van deze chronische aandoening.OSA komt voor bij méér dan 400.000 Belgen en kan verwoestende gevolgen hebben voor de gezondheid van het hart en het brein, maar ook de levenskwaliteit in het gedrang brengen en het risico op dodelijke verkeersongelukken verhogen.


Bij sommige patiënten met slaapapneu hebben bestaande therapieën als CPAP, een therapie met een soort beademingsmasker, of de MRA-prothese, een mondbeugel die de onderkaak open houdt, geen of weinig effect. Zij komen nu in aanmerking voor een nieuwe behandeling met een neurostimulator.

Neurostimulator tegen slaapapneu

Het nieuwe systeem wordt in het lichaam geïmplanteerd en volgt de natuurlijke ademhalingscyclus van de patiënt. Het gaat om een onderhuidse ademhalingssensor en een stimulatiedraad, aangedreven door een kleine batterij. Tijdens de slaap "voelt" het systeem de ademhalingspatronen en stimuleert het de tong en de keel met een lichte impuls, zodat de luchtweg openblijft. De patiënt kan het systeem aan- en uitzetten met een afstandsbediening.

Studie geeft positieve resultaten

De nieuwe therapie werd gedurende drie jaar onderzocht in de STAR-studie (Stimulation Therapy for Apnea Reduction) door 22 slaapcentra in de Verenigde Staten en Europa, waaronder dat van het UZA in Antwerpen. Uit de resultaten blijkt dat de nieuwe therapie de slaapapneu aanzienlijk en aanhoudend doet dalen, de levenskwaliteit verbetert en de therapiegetrouwheid verbetert.

Prof. Paul Van de Heyning, diensthoofd NKO in het UZA en mede-onderzoeker in de STAR-studie: "Deze gegevens bevestigen dat het stimuleren van de bovenste luchtwegen veilig en doeltreffend is. Het is belangrijk dat we over een effectieve behandeling beschikken voor patiënten die reageren op andere behandelingen of deze niet verdragen". Prof. Wilfried De Backer, diensthoofd longziekten in het UZA en ook mede-onderzoeker in de STAR-studie, voegt hieraan toe: "Onbehandelde slaapapneu kan het risico op hartziekten verhogen en de levenskwaliteit van de patiënt verminderen. Het is dan ook erg belangrijk dat er nieuwe therapieën als deze worden ontwikkeld."

Onze partners