Een teek! Wat nu?

11/07/16 om 12:44 - Bijgewerkt op 09/04/17 om 08:10

Teken kunnen, ook in ons land, drager zijn van ziekteverwekkende kiemen. Daarom is een grondige inspectie van je lichaam na elke boswandeling belangrijk zodat teken zo snel mogelijk verwijderd kunnen worden.

Een teek! Wat nu?

© Getty Images/iStockphoto

Een teek is een klein, bruinzwart spinachtig beestje, niet groter dan een speldenkop. Teken komen vooral voor in bossen, parken en gebieden met een lage begroeiing (struiken, hoog gras, varens,...). Springen of vliegen kunnen ze niet, dus liggen ze rustig op de begroeiing te wachten op een warmbloedige voorbijganger, mens of dier. De periode waarin teken voorkomen, hangt af van het weer, maar van april tot september zijn er zeker teken.

Zodra een teek op de huid van de gastheer terecht komt, klampt ze zich vast met behulp van een hypostoom, een soort buisje waardoor ze zich vol zuigt met bloed en speeksel oprispt. Terwijl ze zich volzuigt, wordt de teek steeds groter. Daar kan ze echter dagen over doen, liefst op een warme en vochtige plek. Daarom worden ze vaak aangetroffen in de grote lichaamsplooien en behaarde zones.

Hoe een tekenbeet vermijden?

  • Draag kledij die en zo groot mogelijk deel van het lichaam bedekt: lange mouwen, broek waarvan u de pijpen eventueel in uw sokken steekt, kousen, laarzen.
  • Draag een pet op uw hoofd.
  • Blijf zo veel mogelijk op de paden.
  • Smeer de niet-bedekte huidzones in met een insectenwerend middel op basis van DEET of icaridine. De doeltreffendheid daarvan is echter geen 100% en verdwijnt al na enkele uren.
  • Controleer de huid op teken na elke mogelijke blootstelling (minstens 2 maal per dag indien u voortdurend in een tekengebied verblijft).

Overdragers van ziekten

Het speeksel dat een teek oprispt tijdens het bloedzuigen, kan bacteriën of virussen bevatten die ziekten veroorzaken bij zowel volwassenen als kinderen. Twee ziekteverwekkende bacteriën komen in België voor, namelijk Borrelia burgdorferi die verantwoordelijk is voor de ziekte van Lyme en Anaplasma phagocytophilum, verwekker van anaplasmose.

Een tekenencefalitis (in het Engels Tick-borne Encephalitis of TBE) is het gevolg van een besmetting met het Flavivirus, dat in steeds meer gebieden in Noord-, Oost- en Centraal-Europa voorkomt.

De ziekte van Lyme

Niet iedereen die gebeten wordt door een teek, wordt ziek. Niet alle teken zijn immers besmet en zelfs een beet van een besmette teek, betekent nog niet noodzakelijk dat men ook ziek wordt. Globaal genomen schat men het risico op het ontwikkelen van de ziekte van Lyme na een tekenbeet op 1 tot 2%.

Heel wat tekenbeten (die niet pijnlijk zijn omdat de teek een soort pijnverdovend middel inspuit) blijven trouwens onopgemerkt. Enkel besmette teken die minstens 12 uur op de huid blijven zitten, kunnen de mens infecteren. Hoe langer de teek blijft zitten, hoe groter het risico op besmetting. Wel is het zo dat er in België een toenemend aantal besmette teken wordt waargenomen.

Als het lichaam eenmaal is geïnfecteerd, dringen de Borrelia-bacteriën door in de bloedsomloop en gaan ze zich vermenigvuldigen. Naarmate de infectie zich uitbreidt, ontwikkelen zich symptomen. De meeste mensen krijgen 3 dagen tot 3 maanden na de beet huiduitslag in de vorm van groeiende ringen. Vaak gaat dit gepaard met griepsymptomen zoals koorts, hoofdpijn, pijnlijke spieren en gewrichten en vermoeidheid.

Bij een aantal mensen, maar lang niet alle besmette personen evolueert de ziekte naar een tweede stadium enkele weken tot maanden na de beet. Hierbij kan pijn optreden ter hoogte van armen of benen, een scheefstaand gezicht door gelaatsspierverlamming, dubbel zicht en hartritmestoornissen.

Nog later (maanden tot zelfs jaren na de beet) kunnen pijn en zwelling optreden in één of meerdere gewrichten (artritis) , laattijdige huidletsels op armen en/of benen en in zeldzame gevallen chronische neurologische stoornissen.

Raadpleeg een dokter zodra u een of meer van bovenstaande symptomen krijgt.

Om de ziekte van Lyme te voorkomen, is het verstandig heel regelmatig te controleren of er teken op uw lichaam zitten als u in een bosrijke omgeving bent, waar die beestjes veel voorkomen. Het is ook raadzaam dit na een wandeling met uw huisdieren te doen. Hun vacht is immers een geliefde plaats voor teken. Borstel de vacht en verwijder de teken met bedekte armen en benen.

Anaplasmose

Anaplasmose wordt gekenmerkt door klachten die sterk lijken op die van griep en die 5 tot 15 dagen na de tekenbeet de kop opsteken: hoge koorts, spierpijn, hoofdpijn, soms gewrichtspijn. Het aantal gevallen van anaplasmose is niet erg hoog, maar toch treden er in België relatief veel besmettingen op in vergelijking tot de rest van Europa. Tussen 2000 en 2008 werden er 366 bevestigde gevallen gerapporteerd, terwijl voor dezelfde periode alle andere Europese landen samen slechts een honderdtal gevallen noteerden.

Tekenencefalitis

Ook een tekenencefalitis uit zich met ongeveer dezelfde symptomen: koorts, spierpijn, hoofdpijn en misselijkheid. Ongeveer twee weken later, terwijl de ziekte zo goed als verdwenen lijkt, kan plots een spierverlamming of een meningitis optreden. Deze verwikkeling geneest erg moeilijk.

In gebieden waar het verantwoordelijke virus voorkomt, heb je als citytripper weinig te vrezen. Maar kies je voor een vakantie in agrarische of bosrijke gebieden dan moet je wel op je hoede zijn. Tekenencefalitis komt vooral voor in regio's in Oostenrijk, Zwitserland, het zuiden van Duitsland, Hongarije, Tsjechië, Slovakije, Polen, Servië, Albanië, Rusland, Wit-Rusland, Oekraïne, Bulgarije, Roemenië, Zweden, Denemarken, Litouwen, Letland en Estland. De voorbije decennia wordt niet alleen een toename van het aantal besmettingen vastgesteld, maar ook een geografische uitbreiding van de endemische zones in de richting van het noorden van Europa. In juni werd het tekenencefalitisvirus voor het eerst aangetroffen in teken in Nederland.

In tegenstelling tot de besmetting met de eerder genoemde ziekten die zich pas voordoet wanneer de teek 12 tot 24 uur ter plaatse blijft, wordt het virus dat verantwoordelijk is voor tekenencefalitis reeds van bij het begin door de teek ingebracht.

Tekenencefalitis kan voorkomen worden door zich preventief te laten vaccineren. Het vaccin heet FSME-Immun 0,5 ml en FSME-Immun 0,25 ml Junior (voor kinderen van 1 tot 16 jaar) en is op voorschrift verkrijgbaar in de apotheek. Vaccineren moet ten minsten 1 maand voor de reis gebeuren. Nog beter zijn twee injecties voor vertrek, met een tussentijd van 1 tot 3 maanden. Vraag raad aan uw huisarts indien u van plant bent in een gebied waar de besmetting voorkomt te wandelen, te kamperen,...

Wat te doen als je gebeten bent door een teek

  • Verwijder de teek zo vlug mogelijk: neem de kop van de teek vast (zo dicht mogelijk bij de huid) met een tekentang waarvan verschillende modellen te koop zijn in outdoor-zaken en bij de apotheker. Verpletter de teek niet. Verwijder de teek met een licht draaiende beweging van de tekentang zonder te trekken. Ontsmet het wondje.
  • Het aanbrengen van petroleum of ether of het aanstippen met een brandende sigaret verhoogt, door irritatie, de kans op het inbrengen van besmet speeksel. Niet doen bijgevolg!
  • Noteer datum en plaats op het lichaam van de beet, alsook de geografische locatie waar u de beet hebt opgelopen, zodat u dit aan de arts kunt melden wanneer zich achteraf ziektetekens zouden voordoen.
  • Raadpleeg een arts zodra er binnen de 8 weken (eerder beschreven) klachten optreden. Let vooral op het ontstaan van een rode vlek of kring met een diameter van minstens 5 cm. Indien de arts dat nodig acht, kan een behandeling met antibiotica worden gestart.

Onze partners

Deze website maakt gebruik van cookies om uw gebruikservaring te verbeteren. Door verder te surfen, stemt u in met ons cookie-beleid. Meer info