De artroscopie

16/06/11 om 00:00 - Bijgewerkt om 00:00

Bij een artroscopie wordt met een kijker in een gewricht gekeken. Het onderzoek wordt uitgevoerd om het gewricht te controleren op beschadigingen zoals beschadigd kraakbeen, gescheurde meniscus, beschadigde gewrichtsbanden, slijtage, ontsteking,...

Wat is het?

Bij een artroscopie wordt met een kijker in een gewricht gekeken. Deze kijker is voorzien van een kleine camera die verbonden is met een videoscherm.

Waartoe dient het?

Een artroscopie wordt uitgevoerd om het gewricht te controleren op beschadigingen zoals beschadigd kraakbeen, gescheurde meniscus, beschadigde gewrichtsbanden, losse bot- of kraakbeenfragmenten, slijtage, ontsteking,... Soms wordt via de artroscoop een behandeling uitgevoerd. Dit onderzoek kan zowel onder locoregionale verdoving (bijvoorbeeld met een ruggenprik) als onder algemene verdoving gebeuren, soms onder een combinatie van beide.

Vergt het onderzoek voorbereiding?

Bij algemene verdoving gebeuren er vooraf een aantal onderzoeken zoals bloedonderzoek, ECG,... In dat geval moet de patiënt nuchter zijn.

Zijn er contra-indicaties?

Een artroscopie wordt doorgaans niet uitgevoerd in verkleefde en stijve gewrichten met een ontsteking. Ook bij beschadiging van het gewrichtskapsel kan de techniek beter worden vermeden, omdat tijdens de ingreep vloeistof naar het omringende zachte weefsel kan vloeien. In dergelijke gevallen moet het gewrichtskapsel hersteld worden alvorens de artroscopie uit te voeren.

Hoe verloopt het?

Via een kleine insnede (van 0,5 tot 1 cm) wordt de artroscoop in het gewricht gebracht. De kijker wordt aangesloten op een camera en via een fiberglasvezel die doorheen het buisje van de atroscoop loopt, wordt het gewricht binnenin verlicht.

Via een aparte aan- en afvoeropening wordt het gewricht de hele tijd gespoeld met een zoutwateroplossing. Tijdens het onderzoek kan de arts ook een tangetje of een schaartje doorheen de artroscoop of via een extra kleine insnede in het gewricht brengen om weefselstalen te nemen of een ingreep uit te voeren. Na afloop worden de sneetjes gesloten met hechtstrips die na een tiental dagen mogen worden verwijderd. Soms wordt een kleine hechting aangebracht die na 10 tot 14 dagen wordt verwijderd.

En achteraf?

Na een eenvoudige atroscopie kan de patiënt dezelfde dag nog naar huis. Pijnstilling met paracetamol is soms nodig. In een aantal gevallen, bijvoorbeeld wanneer de pijn nog te hevig is, blijft de patiënt een nachtje in het ziekenhuis. De arts zal de patiënt zeggen welke oefeningen (en eventuele behandeling) na het onderzoek goed zijn en welke vermeden moeten worden. Soms mag het gewricht nadien enige tijd niet belast worden. Afhankelijk van de even-tuele behandelingen die tijdens de artroscopie werden uitgevoerd, kan de patiënt nog enige tijd hinder ondervinden. Soms is fysiotherapie noodzakelijk.

In functie van het risicoprofiel van de patiënt (roker, pilgebruiker, voorgeschiedenis,...) zal een bescherming tegen tromboses worden gegeven.

Indien er zwelling optreedt, moet het gewricht tijdelijk minder belast worden. Koude pakkingen kunnen dan helpen, maar niet rechtstreeks op de huid vanwege het gevaar op brandwonden.

Onze partners