Daar is de lente, daar zijn de teken!

12/04/15 om 08:58 - Bijgewerkt op 27/06/16 om 17:28

De lente is begonnen en dit betekent dat het weer volop tijd is om er op uit te trekken. Lange wandelingen door de natuur, een picknick of gewoon lekker genieten in de zon. Helaas ligt er ook gevaar op de loer tijdens deze fijne activiteiten: de teek.

Daar is de lente, daar zijn de teken!

Het is vooral de schapenteek die de mens bezoekt. De teek is afhankelijk van levende prooien waarbij het bloed gehaald kan worden. Hun uiterlijk is helemaal aangepast aan het zoeken, beklimmen en tijdelijk bewonen van de dieren die ze parasiteren. Het belangrijkste instrument daarbij zijn de pootjes. Aan het einde van de pootjes zitten stevig klauwtjes waarmee ze zich prima kunnen vasthouden aan grassprietjes, huid en haren. Dit zorgt ervoor dat een teek niet snel van zijn prooi zal afvallen. Om te kunnen klauteren tussen haren en huidplooien is het lichaam van de teek afgeplat. Deze vorm zorgt ervoor dat ze niet snel worden opgemerkt, en dat ze maar weinig kans hebben om geplet te worden tussen gewrichten en huidplooien.

Het gevaar komt van de vrouwtjes

De teek begint als een eitje dat in de herfst op de grond gelegd word samen met duizend tot tweeduizend anderen. Uit elk ei kruipt een larfje dat er al precies uitziet als een volwassen dier maar kleiner is en twee pootjes mist. Eenmaal volwassen denken de teken nog maar aan één ding, paren. Om elkaar te vinden zoeken de mannen en vrouwen elkaar meestal bij een grote prooi op. Na de paring gaat het vrouwtje meteen opzoek naar een geschikt plekje om bloed te zuigen. Dit bloed is nodig voor de productie van de vele eitjes die ze zal leggen. De mannetjes zijn veel vredelievender en zijn in hun volwassen leven alleen op zoek naar liefde. Hiervoor hebben ze geen bloedmaaltijd nodig en zijn dus totaal onschuldig. Na een seizoen lang eitjes leggen en paren bereiken de volwassen teken het einde van hun leven. Het nageslacht zal pas in het volgende voorjaar verschijnen.

De ziekte van Lyme

De hoeveelheid bloed die een teek zuigt is erg klein, het is pijnloos en het jeukt minder dan een muggenbult. Helaas kunnen teken wel wat terug geven tijdens dat bloedzuigen. Veel teken in Nederland zijn namelijk besmet met de Borrelia bacterie. Deze bacterie veroorzaakt de ziekte van lyme, een ziekte die onder andere het zenuwstelsel, het hart en de gewrichten aantasten. De gevolgen van deze ziekte kunnen zo ernstig zijn dat normaal functioneren in de maatschappij niet meer mogelijk is. Een teek in het 2e en 3e levensjaar kan met zijn beet de Borrelia bacterie overbrengen. De net geboren dieren zijn voor zover nu bekend is nog vrij van de bacterie maar kunnen deze via het bloed van hun eerste prooi in hun lichaam krijgen. Als de teek zijn volgende maaltijd op een mens gebruikt kan de besmette teek de Borrelia bacterie weer overbrengen op ons. Hoe langer een teek vastgezogen zit, hoe groter de kans dat de bacterie wordt overgebracht, het controleren van het lichaam na elk tripje in de buitenlucht is dan ook erg belangrijk. Als er een teek wordt gevonden, verwijder deze dan met één van de vele tekenverwijderaars en schrijf de datum en plek van de beet op. Als er om een tekenbeet heen na enkele weken een rode ring (erythema migrans) verschijnt die steeds groter wordt is het tijd voor alarmfase rood. De aanwezigheid van zo'n vlek wijst bijna altijd op de ziekte van Lyme. Een bezoek aan de dokter is dan ook meteen nodig. Helaas verschijnt lang niet altijd een rode ring. Daarom is het goed om ook griepachtige symptomen in de gaten te houden en bij twijfel de dokter te bezoeken.

Een gewaarschuwd mens geniet voor 2 van de natuur!

Gelukkig zijn er heel veel dingen die gedaan kunnen worden om teken minder kans te geven. Het beste is natuurlijk de teek te ontlopen. Teken zitten niet in bomen en vallen er ook niet uit. De gevarenzone is al het groen tot ongeveer 1,50 hoog. Door op de paden te blijven en niet te veel door het lange gras te lopen is er al veel ellende te voorkomen. Tijdens een picknick een kleed neerleggen en in kort gras gaan zitten helpt ook. Op deze manier is de kans op contact met een teek al een stuk kleiner. Door lange mouwen en broeken te dragen is de kans dat de dieren zich op de blote huid laten vallen minder groot. Door de broek in de sokken te stoppen is het moeilijker om in de broek terecht te komen.

Bron: limburg-in-beeld.nl

Lees meer over:

Onze partners