Chronische patiënten vergeten te vaak hun medicatie

03/06/14 om 12:42 - Bijgewerkt om 12:42

Een op de twee mensen met een chronische aandoening zoals hartfalen of diabetes neemt het advies van zijn arts onvoldoende ter harte. Ze nemen hun medicatie daardoor niet zoals het hoort met als gevolg een lagere levenskwaliteit, meer ziektedagen en werkverzuim. Dat is jammer want de meeste chronische ziekten zijn goed te behandelen, op voorwaarde dat de medicatie correct wordt genomen.

Chronische patiënten vergeten te vaak hun medicatie

Verschillende oorzaken liggen aan de basis van het fenomeen van therapieontrouw, zo ontdekte dokter Yoleen Van Camp (Universiteit Antwerpen) die onderzoek verrichtte bij hart,-nier-en diabetespatiënten. Het kan gaan om een bewuste keuze omdat een geneesmiddel bijvoorbeeld teveel complicaties of nevenwerkingen geeft, maar het kan net zo goed onbewust gebeuren door vergeetachtigheid. "Om dat probleem op te vangen zijn dan ook verschillende interventies nodig, die rekening houden met de individuele behoeften", aldus Van Camp. Zij ontwikkelde een coachingschema dat rekening houdt met de problemen en zorgnoden van elke patiënt.

Dialysepatiënten zijn meest ontrouw

Bij de nierdialysepatiënten bleek één op de drie de medicatie niet in te nemen zoals voorgeschreven was. Dat was vooral te wijten aan vergeetachtigheid. Mensen met hartfalen en diabetici scoorden wat beter. Mogelijk speelt ook de aard van het geneesmiddel een rol hierbij. De medicatie die werd onderzocht bij dialysepatiënten gaf meer bijwerkingen, dan die voor diabetes en hartfalen.

Om de therapietrouw bij mensen aan de dialyse te bevorderen, werd een interventie opgestart met onder meer een coachingschema. "Die resultaten zijn hoopgevend. De interventie verbeterde de therapietrouw en de bloedwaarden. Toch was er een harde kern die elke maand therapieontrouw bleef, ondanks onze interventies. Toekomstig onderzoek naar de redenen van het succes of het falen van de interventies is gepland."

Vanaf de start

Dit onderzoek werd gevoerd bij mensen in een vaak vergevorderd stadium van hun aandoening. "We zijn ervan overtuigd dat therapietrouw net gevestigd moet worden bij het allereerste voorschrift. Vaak worden er dan overtuigingen, kennis en vaardigheden geschept. Om therapieontrouw te voorkomen moeten we ook kijken naar psychosociale factoren, zoals zelfredzaamheid, sociale steun of de zorgverlener-patiëntrelatie", besluit Van Camp.

Onze partners