Cholesterol in 10 lessen

30/04/15 om 18:21 - Bijgewerkt om 18:21

Cholesterol? Dat is toch iets dat slecht is voor hart en bloedvaten? Niet helemaal. Een spoedcursus over alles wat u moet weten over deze interessante stof in ons lichaam.

Les 1: Twee bronnen van cholesterol

Pure cholesterol ziet eruit als een witte, vetachtige stof. Het zit verstopt in voedingsmiddelen, zoals in roomboter, gebak en snacks. Zo krijg je via de voeding 'van buiten' cholesterol aangevoerd. Maar verreweg het meeste cholesterol maakt het lichaam zelf aan. Dat gebeurt in de lever, die daarvoor als bouwstof de verzadigde vettenin onze voeding gebruikt. Hoe meer verzadigd vet iemand via zijn voeding tot zich neemt, hoe meer cholesterol zijn lichaam aanmaakt.

Les 2: Cholesterol is noodzakelijk

Het is natuurlijk niet voor niets dat onze lever zelf cholesterol maakt. Het is een belangrijke bouwstof voor de celwanden in ons lichaam. En zonder cholesterol kunnen we geen vitamine D aanmaken, geen gal en ook bepaalde hormonen niet. Het lichaam kan dus niet zonder cholesterol.

Les 3: Te veel cholesterol is ongezond

Veel mensen hebben te veel cholesterol in hun bloed. De lever maakt er dan te veel van aan, waardoor het bloed als het ware steeds vetter wordt. Dat is niet gezond, want de cholesterol kan blijven kleven aan de binnenwand van de bloedvaten en in het hart. Dit wordt ook wel plaque genoemd. Door plaque wordt het bloedvat nauwer, waardoor het bloed minder goed kan doorstromen. Soms raakt een bloedvat zelfs helemaal afgesloten. Plaques ontstaan sneller als de vaatwand al beschadigd is, bijvoorbeeld door roken, hoge bloeddruk of diabetes. In het begin merk je niets van een verhoogd cholesterolgehalte in het bloed. Pas als er echt flinke vernauwingen zijn ontstaan, kunnen er hartklachten of problemen met de doorbloeding ontstaan.

Les 4: Goede versus slechte cholesterol

Het lijkt simpel: cholesterol kan ervoor zorgen dat bloedvaten dicht gaan slibben en dus kun je er maar beter zo weinig mogelijk van binnen krijgen. Maar zo eenvoudig is het niet. Er bestaat namelijk ook zoiets als goed cholesterol: dat haalt de cholesterol weg uit het bloed en zorgt ervoor dat het uiteindelijk via de darmen het lichaam verlaat. Het goede cholesterol, HDL-cholesterol, kan zelfs de plaques helpen afbreken. Het slechte cholesterol, dat de naam LDL draagt, zorgt ervoor dat plaque ontstaat. Voor de gezondheid van hart en bloedvaten is het dus belangrijk om te zorgen voor weinig LDL-cholesterol en wat meer HDL-cholesterol in het bloed.

Les 5: Wat is teveel cholesterol?

Een verhoogde cholesterolwaarde kun je niet zien of voelen. Wel kun je het meten. Als een arts een te hoog cholesterolgehalte vermoedt, zal hij bloed laten prikken. De meting wordt in het ideale geval drie keer herhaald, omdat het cholesterolgehalte nogal kan schommelen. Uiteindelijk wordt gekeken naar het totale cholesterolgehalte én naar verhouding tussen het goede HDL- en het slechte LDL-cholesterol. Een gezonde volwassene moet een totaal cholesterolgehalte hebben van onder de 190 mg/dl. Het LDL-gehalte dient onder de 115 mg/dl te liggen en het HDL-gehalte moet minstens 40 mg/dl zijn voor mannen en 45 mg/dl voor vrouwen (maar het liefst hoger). Tot slot wordt de cholesterolratio bepaald: dat is het totaal cholesterol gedeeld door het HDL-cholesterol. Optimaal is een waarde van 5 of lager.

Les 6: Een te hoge cholesterolwaarde. En nu?

Het teveel aan cholesterol wordt gemaakt in de lever. Hiervoor gebruikt de lever verzadigd vet als grondstof. Als je zorgt voor minder grondstof, zal het cholesterolgehalte dalen en dan vooral het slechte LDL-cholesterol. Zorg dus dat je niet te veel producten met verzadigd vet eet. Verzadigd vet zit in volle melkproducten, volvette kaas, roomboter, vet vlees, worst, koekjes, gebak en snacks.

Betekent dit nu dat u vetten volledig uit uw voeding moet bannen? Nee, want onverzadigde vetten zijn juist wél gunstig voor het cholesterolgehalte. Gezonde onverzadigde vetten vind je in onder meer plantaardige olie, margarine en halvarine in een kuipje, vloeibare margarine, vette vis en noten. Minder verzadigd vet eten is de belangrijkste voedingsmaatregel die je kunt nemen als je een te hoge cholesterolwaarde hebt. Natuurlijk zou u ook cholesterolrijke producten (eidooier, orgaanvlees, paling, schaal- en schelpdieren) kunnen laten staan. Maar dat hoeft niet, want cholesterol uit 'normale' voeding heeft maar weinig effect op het cholesterolgehalte in het bloed.

Les 7: Gezonder gaan leven

Als je cholesterolgehalte licht verhoogd is, loont het de moeite om gezond te gaan eten en meer te bewegen. Op die manier kan het cholesterolgehalte met ongeveer 5 procent dalen. Gezond eetpatroon: eet dagelijks 200 gram groenten, 2 stuks fruit en een ruime portie volkorenproducten. Kies verder voor producten die weinig verzadigd vet bevatten, zoals mager vlees, halfvolle en magere zuivel. Eet twee keer per week vis, waarvan een keer vette vis. En geniet gerust producten met gezonde onverzadigde vetten, zoals margarine of halvarine uit een kuipje, vloeibare margarine, plantaardige olie, noten en olijven. Lekker bewegen: een half uur per dag is een mooi streven.

Les 8: Effectief cholesterol verlagen

Wetenschappelijk onderzoek heeft aangetoond dat plantensterolen het cholesterolgehalte actief helpen verlagen. Deze stoffen komen van nature voor in plantaardige producten, zoals fruit, groente en noten. Bovendien worden ze toegevoegd aan bepaalde voedingsmiddelen zoals sommige margarines. Ook zijn er voedingssupplementen met plantensterolen op de markt.
Plantensterolen verlagen het cholesterolgehalte door actief de opname van cholesterol in het bloed te blokkeren. Het overtollige cholesterol wordt via de darmen uitgescheiden. Dagelijkse consumptie van plantensterolen kan zo het cholesterolgehalte aanzienlijk verlagen bij mensen met een verhoogd cholesterolgehalte. Uit onderzoek blijkt dat de consumptie van 2 tot 2,5 gram plantensterolen per dag het cholesterolgehalte met 7 tot 10 procent kan laten afnemen.

Les 9: Genetische aanleg en overgewicht

Een te hoge cholesterolwaarde komt meestal niet alleen door verkeerd eten. Vaak is er sprake van een combinatie van factoren. Als het in de familie zit, kan het al op jonge leeftijd aanwezig zijn en spreken we van genetische aanleg. Ook de leeftijd speelt een rol: hoe ouder, hoe meer kans op een te hoog cholesterolgehalte. Voor vrouwen geldt dat zij een wat minder hoog risico hebben dan mannen, omdat ze beschermd worden door het vrouwelijk hormoon oestrogeen. Maar na de overgang werkt die bescherming niet meer. Als je overgewicht hebt of te weinig beweegt, kan je cholesterolgehalte ook stijgen.

Les 10: Cholesterol is slechts één van de risicofactoren voor hart- en vaatziekten

Een verhoogd cholesterolgehalte in het bloed vergroot het risico op hart- en vaatziekten. Maar het is slechts één van de elementen die we kunnen beïnvloeden om ons risico op deze ziekten zo laag mogelijk te houden. Andere belangrijke risicofactoren, waar we iets aan kunnen doen, zijn: een te hoge bloeddruk, overgewicht, roken, gebrek aan lichaamsbeweging en diabetes.

Onze partners