Borstkanker: preventieve opsporing is noodzakelijk

29/01/09 om 00:00 - Bijgewerkt om 00:00

Omdat borstkanker één van de kankers is die nog steeds de meeste slachtoffers maakt bij vrouwen, leggen we deze week tien vragen voor die bij heel wat mensen leven aan borstkankerspecialist professor Lamote.

Inhoud:

  1. Klopt onze indruk dat borstkanker vaker voorkomt dan vroeger?
  2. Wat zijn de overlevingskansen?
  3. Waarom wordt zelfonderzoek niet langer aanbevolen?
  4. Wat is het verschil tussen de gratis screening waarvoor campagne wordt gevoerd en het onderzoek dat de huisarts voorschrijft?
  5. Kan borstkanker voorkomen worden door voorzorgen te nemen?
  6. Verhoogt hormoonsubstitutie tijdens de menopauze het risico?
  7. Kunnen vrouwen met een borstkankerverleden nog hormonen nemen tegen menopauzekwaaltjes?
  8. Wat is het nut van zogenaamde borstklinieken?
  9. Wat kan er gedaan worden aan bijwerkingen zoals een dikke arm?
  10. Wanneer kan iemand met een borstkankerverleden ervan uitgaan dat ze genezen is?

1. Klopt onze indruk dat borstkanker vaker voorkomt dan vroeger?

Eigenlijk weten we dat niet. In de geïndustrialiseerde wereld stijgt het aantal gevallen van borstkanker, maar dat heeft met veel factoren te maken. Cultuurfactoren als hoog vetgebruik, het vroeg optreden van de menstruatie, de tendens om pas een eerste kind na je dertigste te krijgen en omgevingsfactoren als vervuiling en radioactiviteit werken een toename in de hand. Maar anderzijds is het ook zo dat meer mensen ouder worden en dus meer kansen krijgen om borstkanker te ontwikkelen. Op dit moment krijgt één op de acht vrouwen in de loop van haar leven te maken met borstkanker.

2. Wat zijn de overlevingskansen?

Dat hangt af van het type tumor en in welk stadium we hem vinden. Als het een gunstige tumor is en we sporen hem op als hij kleiner is dan een centimeter, dan is er een overlevingskans van 90 % na vijf jaar. Dat is dus behoorlijk hoog. Als het gaat om een aangetaste okselklier, dan wordt die kans minder groot, 50 tot 75 % op vijf jaar. Ik kan niet genoeg beklemtonen hoe belangrijk het is om er vroeg bij te zijn. Ik krijg nog altijd vrouwen binnen met gezwellen die niet alleen zichtbaar zijn, maar die je zelfs ruikt. En dan gaat het om vrouwen van alle leeftijden, en uit alle lagen van de bevolking.

In ieder geval is het niet alleen de overlevingskans die groter wordt door een vroegtijdige opsporing, maar ook de levenskwaliteit na de behandeling. De mogelijkheden om borstsparend te werken met een minimum aan littekens zijn dan ook groter. Kanker wordt niet langer als een dodelijke, maar als een chronische ziekte beschouwd. Het komt erop aan er een kwalitatief goed leven mee te leiden.

3. Waarom wordt zelfonderzoek niet langer aanbevolen?

Dat heeft veel te maken met statistieken die zouden aantonen dat zelfonderzoek het aantal sterfgevallen niet naar beneden haalt. Een argument dat ook gebruikt wordt tegen screening. Ikzelf ben van oordeel dat het onzinnig is om het aantal sterfgevallen als enige parameter te nemen. Want wat doe je dan met de levenskwaliteit? Het is heel goed mogelijk dat iemand met een snel gevonden tumor op dezelfde leeftijd sterft als iemand bij wie zo'n tumor later ontdekt is, maar dat de eerste die tijd veel comfortabeler en in betere omstandigheden heeft kunnen beleven dan de tweede.

Zelfonderzoek is omstreden, en het is inderdaad niet eenvoudig om dat goed te doen. Maar het is wel van belang dat een vrouw haar borsten kent. Dan kan ze haar arts melden als er zich afwijkingen voordoen. Als iemand al veertig jaar een wat ingetrokken tepel heeft, dan is er niets aan de hand. Maar als je dat plots vaststelt, is dat wel alarmerend. Vrouwen zouden elk letsel dat langer dan een maand aanwezig blijft, moeten melden. Verder zouden ze hun borsten elk jaar door hun huisarts of gynaecoloog moeten laten onderzoeken, met elk jaar een foto want je kunt niet alle tumoren voelen. In normale gevallen zou zo'n onderzoek mét foto het best vanaf je veertigste gebeuren, maar risicovrouwen - bij wie borstkanker in de genen zit - moeten vanaf 25 jaar opgevolgd worden, liefst met afwisselend een mammografie en een magnetische resonantie om de stralingsrisico's te beperken.

4. Wat is het verschil tussen de gratis screening waarvoor campagne wordt gevoerd en het onderzoek dat de huisarts voorschrijft?

Die screening heeft als bedoeling niet-voelbare letsels te vinden, het is een soort routinecontrole. In ons land is dat gratis voor vrouwen van 50 tot 69. Vanaf 50 zijn die beelden het duidelijkst omdat de borsten dan minder klierweefsel en meer vet bevatten.

Een diagnostische mammografie zoals voorgeschreven door een arts of gynaecoloog, laat een veel gedetailleerder beeld zien maar is ook veel duurder.

5. Kan borstkanker voorkomen worden door voorzorgen te nemen?

Bij familiale aanleg kan dat soms wel, maar sluitend zijn zo'n voorzorgen nooit. Zo'n 10 % van de borstkankergevallen is te wijten aan een chromosoomafwijking, die vrouwen een sterk verhoogd risico op borstkanker oplevert. Dat komt erop neer dat tot 80 % van die vrouwen ooit borstkanker zal krijgen. Het gaat ook om een agressieve kanker, waardoor er een verhoogde kans is dat ze eraan overlijden. De Amerikaanse actrice Christina Applegate heeft onlangs haar twee borsten laten amputeren omwille van dat risico. We kunnen in zo'n gevallen wel preventief te werk gaan door medicatie toe te dienen maar we weten nooit of, en eventueel op welke leeftijd ze borstkanker zullen krijgen. We hopen dat een meer verfijnde risicoberekening kan ontwikkeld worden, waardoor misschien minder agressieve behandelingen zonder mutilerende heelkunde kunnen toegepast worden.

6. Verhoogt hormoonsubstitutie tijdens de menopauze het risico?

Als hormoonsubstitutie ter behandeling van menopauzale klachten moet worden voorgeschreven, gebeurt dat bij voorkeur gedurende korte tijd en in een lage dosering. Vroeger werden gedurende lange tijd hoge dosissen hormonen voorgeschreven en toen waren er sterke aanwijzingen dat dit borstkanker in de hand kon werken. Door de nieuwe aanpak is er geen noemenswaardig risico meer.

7. Kunnen vrouwen met een borstkankerverleden nog hormonen nemen tegen menopauzekwaaltjes?

Het is veiliger die vrouwen geen hormonen voor te schrijven. Echt weten-schappelijk bewijs bestaat daar niet van, het zou immers wel erg onethisch zijn om een groep vrouwen hormonen te laten slikken om het uit te proberen. Op basis van het feit dat het vaak een hormonengevoelige kanker is, nemen we geen risico. Er zijn trouwens alternatieven. Naar anticonceptie toe is er in er het spiraaltje en voor menopauzekwaaltjes middeltjes die de symptomen bestrijden.

8. Wat is het nut van zogenaamde borstklinieken?

De borstklinieken moeten ervoor zorgen dat een borstkankerpatiënt een individueel zo goed mogelijke behandeling krijgt door met zoveel mogelijk factoren rekening te houden. Borstkanker wordt sowieso multidisciplinair behandeld. Er zijn onder anderen medisch oncologen, chirurgen en therapeuten bij betrokken. Er moet immers ook rekening gehouden worden met een eventuele reconstructie of revalidatie, en met psychologische elementen. In de borstkliniek wordt dat allemaal gecoördineerd en opgevolgd door mensen die van de behandeling van borstkanker hun specialisme gemaakt hebben.

9. Wat kan er gedaan worden aan bijwerkingen zoals een dikke arm?

Die komt soms voor als de okselklieren verwijderd moeten worden. Vroeger werden die vaak in één operatie met een borst weggenomen, nu wordt eerst gecontroleerd of de schildwachtklieren wel aangetast zijn. In die zin is er dus al minder kans op een dikke arm. Als die klieren toch weg moeten, kan kinesitherapie helpen. Mijn collega professor Lievens heeft daar een methode voor ontwikkeld, die momenteel in het hele land gepromoot wordt.

10. Wanneer kan iemand met een borstkankerverleden ervan uitgaan dat ze genezen is?

Algemeen wordt gesteld dat een vrouw die vijf jaar na de behandeling kankervrij is, maar een beperkte kans meer heeft om te hervallen. Gedurende die vijf jaar neemt de kans op hervallen ook al geleidelijk af. Jammer genoeg doet dat de therapietrouw soms ver-slappen. De meeste patiënten volgen de nabehandelingen zoals radiotherapie en regelmatige baxters met chemotherapie wel goed op, maar de antihormonale behandeling met pilletjes durft wel eens in het slop geraken. Dat begint met één pilletje te vergeten en dan eens zonder voorschrift te zitten, en uiteindelijk slabakt de hele therapie. Toch heeft zo'n behandeling maar ten volle effect als ze vijf jaar wordt volgehouden.

Veelbelovende pistes

Borstkanker is wereldwijd een van de vaakst voorkomende vormen van kanker, er zijn dan ook ontelbare onderzoeksteams die de ziekte bestuderen.

  • Eén van de veelbelovende pistes is het uitschakelen van een molecule die borstkankercellen aanzet om zich te delen. Onder meer een Australisch team boekt interessante vooruitgang.
  • Amerikaanse onderzoekers concentreren zich op de ontdekking dat schijnbaar normale cellen kanker ongemerkt in andere organen kunnen doen uitzaaien.
  • Het gevaar van de internationale belangstelling is dat onderzoeksteams zonder dat ze het van elkaar weten aan hetzelfde werken of cruciale informatie moeten ontberen waarover een ander team wél beschikt. Om dat te vermijden, werd in 1996 in ons land de Breast International Group (BIG) opgericht die onderzoeksteams van over de hele wereld toelaat snel en soepel informatie uit te wisselen en samen te werken.

Onze partners